Het heeft bijna de hele dag geregend, en daar baalde ik best van. De hele week had ik gewerkt, en dan ben ik een dag vrij, krijg je dit. Maar hoe vervelend ik het ook vond om niet naar buiten te kunnen, ik merkte dat het tikken van de regen me ook erg rustig maakte. Natuurlijk was dat niet alleen het tikken van de regen, het feit dat ik aan het begin van de week flink had opgeruimd werkte ook wel mee. Alles bij elkaar gaf me een gevoel van ‘niets moeten’. En dat is best eens fijn. Het geeft me een gevoel van ruimte. Ruimte om te kunnen doen wat ik wil, zonder me schuldig te voelen vanwege een rommelige slaapkamer, een vuile vloer, of wat dan ook. Ruimte om de hele avond op internet rond te hangen, te lezen, en natuurlijk werken aan het boek.
Jammer genoeg weet ik die rust en ruimte zelden lang vast te houden. Het idee om van alles te moeten komt snel terug, en ook mijn werk wacht morgenvroeg al weer op me. Een ding ben ik zeker van plan om vast te houden, en dat is ervoor zorgen dat ik niet nog eens twee vrije dagen moet besteden aan het opruimen van mijn chaos.
